Wandelroute 29. Tergracht - Ferwert

Afstand: 12,5 km
Duur: 2,5 uur
Ondergrond: 1,4 kilometer bestaat uit onverharde wandelpaden; het grootste deel van de tocht voert over verharde wegen en paden. km
Honden: Op particulier terrein, namelijk de wandelpaden over landbouwgrond, zijn honden niet toegestaan. Voor deze route betreft dit een afstand van 1 kilometer.
Geopend: januari t/m december

Bijzondere historische info
Deze route gaat grotendeels over het Burmaniapad, een fiets- en wandelpad rond het dorp Ferwert. Het pad is genoemd naar de familie Burmania, omdat deze adellijke familie veel invloed heeft gehad op de geschiedenis van de regio.
De drukke provinciale weg, in de jaren '50 aangelegd, wordt door veel dorpsbewoners de 'Nije Dyk' (nieuwe weg) genoemd. Voorheen liep de doorgaande route door de dorpen heen.

Aan de Terstedloane ligt de Terstedterp. Op deze terp stonden in de Middeleeuwen drie boerderijen die eigendom waren van het Klooster Foswert. Eén van de boerderijen is bewaard gebleven en is nu een monument. De prachtige kop-hals-romp-boerderij was in de 18de eeuw in eigendom van de Ferwerter boerenfamilie Tania. Deze familie had boerderij en de landerijen in 1640 gekocht van de Friese Staten.

Landschapskarakteristiek

De route Tergracht-Ferwerd loopt door het kleigebied. U wandelt over prachtige landelijke weggetjes naar de met dijken ‘getemde’ Waddenzee. U komt langs en door dorpen met een rijke geschiedenis en u begeeft zich  over betekenisvolle wegen en paden.

Begin- en eindpunt
Vanuit Tergracht gaat u richting de Noordermiedweg en Skettersdyk naar Wânswert. Voor Wânswert volgt u het fietspad naar het dorp. Vanuit Wânswert kunt u over de Kleasterdyk en It Kleaster, evenwijdig aan de Burmaniavaart, naar Foswert in Ferwert wandelen. Vanaf Foswert loopt u via het fietspad naast de Ljouwerterdyk naar de Terstedlaan. Via de Molenlaan komt u op de Ljouwerterdyk. Deze steekt u over en door Ferwert wandelt u over de Koailoane naar de zeedijk.

Tergracht
De route begint in Tergracht, nabij de Dokkumer Ee. Het is een buurtschap van het dorp Wânswert. Toen de eerste mensen zich rond de vijfde eeuw voor het begin van onze jaartelling in de Friese kleigebieden vestigden, had de zee hier nog vrij spel. Waar tegenwoordig zeedijken op deltahoogte het water een halt toeroepen, kon de zee destijds tweemaal daags via zeearmen en kreken ongehinderd in het Friese kwelderlandschap doordringen en laag gelegen gedeeltes overspoelen.

De hoger gelegen kwelderwallen boden wel voldoende bescherming om een menswaardig bestaan op te bouwen. In de loop van de 13de eeuw slaagde men erin de zeearm gefaseerd te bedijken en lag Leeuwarden rond 1300 niet langer aan zee. Zo kon de (Zuider) Ee, een natuurlijke waterloop die bij Wânswert ontsprong, niet langer bij Leeuwarden in zee uitwateren. Daarom werd haar loop omgelegd door bij Tergracht een verbinding naar de toenmalige Dokkumer Ee te graven. Dat stroompje begon in het Bornemeer bij Birdaard en mondde uiteindelijk uit op het Dokkumerdiep. Zo ontstond de tegenwoordige Dokkumer Ee.

Wânswert
Wânswert is een echt plattelandsdorpje met een overheersend weidelandschap. De naam Wânswert wordt meestal verklaard met 'Wodan wierde' en is een samentrekking van de god 'Wodan' en 'wierd', oftewel terp. Dus Wânswert betekent 'De terp van Wodan'. De terp van Wânswert is aan de einde van de 19de eeuw vooral aan de zuidzijde afgegraven. De hoogte van de kerkterp is nog goed te zien vanuit het zuiden. De kerk zelf is beeldbepalend voor het dorp.

Vroeger was hier de melkveehouderij de grootste bron van inkomen; hetgeen ook de bevolkingsamenstelling bepaalde. De laatste decennia is daar wel verandering in gekomen. Wânswert is een dorpje geworden met bewoners van alle rangen en standen uit de samenleving met verschillende beroepen.

Wânswert heeft een molen, genaamd ‘Victor’, die in 1867 is gebouwd. De functie van de molen was het op peil houden van het boezemwater; tegenwoordig is het een lesmolen, maar wél een monumentaal gebouw. 


(de monumentale molen in Wânswert)

Ferwert
Het terpdorp Ferwert ligt temidden van vruchtbare landerijen. Dit vruchtbare veld kan in drie gebieden verdeeld worden: akkerland, ook wel kleiland genoemd, zandland en de Hogebeintumermieden, gelegen ten zuiden van voormalig Klooster Foswert. De Mieden deden aanvankelijk dienst als een gebied waarin het vee van de dorpen Ferwert en Hegebeintum gemeenschappelijk werd geweid; een meenschar genoemd. Het grasland ligt op knipklei. Dat is veengrond met daar bovenop een dunne laag klei.

Ferwert had oorspronkelijk twee terpen, de terpsterp en de Burmaniaterp, die in de Middeleeuwen ook wel de Westerterp genoemd werd. Deze terp is helemaal afgegraven. De Herjuwesmastate lag op de terp, deze is in het begin van de 19e eeuw afgebroken. Van de voorwerpen die bij de afgravingen gevonden zijn, is veel terug te vinden in het Fries museum in Leeuwarden. Bij het afgraven van de Burmaniaterp is men op een massagraf gestuit. Het verhaal gaat dat Ferwert en Hogebeintum getroffen zijn door een grote ramp, mogelijk de pest (ook wel de 'gesel Gods' genoemd).

Het dorp is en was altijd ontsloten door twee wegen, namelijk de doorgaande weg van Leeuwarden naar Dokkum en de weg langs Hegebeintum via Genum naar Dokkum. De wegen waren eerst onverhard met een looppad ernaast, maar rond 1852 zijn beide wegen begrind. Ferwert was vroeger ook bereikbaar via twee vaarten. De één was een dorpsvaart, een oude geul die in het midden van het dorp begon en slingerend tussen de bouwlanden door langs Hegebeintum en de Traan uitkwam bij de ‘Ald Piip’ (de oude pijp). De tweede ontsluitende waterweg is de Burmaniavaart, die westelijk van Ferwert loopt en door de familie van Burmania is gegraven (dat is te zien aan de rechte stukken van de vaart). De Burmaniavaart komt ook uit bij de ‘Ald Piip’ en loopt gezamenlijk met de Ferwerter vaart en Marummer vaart via Wânswert richting de Ee.

Ferwert heeft vanaf de Middeleeuwen een centrumfunctie voor de omgeving gehad. De Ferwerter kerk was één van de eerste Roomskatholieke parochies in de omgeving, een zogenaamde oerparochie. Vanuit de Ferwerter parochie zijn in de nabije dorpen meerdere kerken opgezet. Het grote kerkgebouw is in het begin van 16e eeuw gebouwd, in gotische stijl met een forse toren die de centrumfunctie aangaf.


(de Hervormde kerk in Ferwert)

Klooster Foswert in Ferwert

Volgens de traditie zou het Benedictijner klooster Foswert in het jaar 860 op Ameland zijn gesticht en wegens invallen van de Noormannen in de 11de of 12de eeuw zijn verplaatst naar Ferwert. Het klooster is gebouwd op een kerk. In 1580 werden de kloosters in Friesland opgeheven door de Reformatie. Het grondbezit ging naar de provincie. Een deel moest wegens geldgebrek in de eerste helft van 17e eeuw worden verkocht. Klooster Foswert werd in 1580 geruïneerd en in brand gestoken. Het tegenwoordige wooncentrum is genoemd naar het klooster.

Zeedijk

Het eindpunt van de route ligt op de zeedijk; achter de dijk ligt de Ferwerteradeel buitendijkse polder (Vriespolder) en daarachter de Waddenzee.